Debat Corrie wijst Martin

Het nieuwe kabinet begunstigt vooral de werkende middengroepen. “Zíj gaan er het meeste op vooruit en dat is eigenlijk al twintig jaar zo”, zei Martin van Rooijen. “De inkomens van ouderen zijn bewust op achterstand gezet. Om tot een gelijkmatige inkomensontwikkeling te komen, is het nu tijd voor een dik verdiende inhaalslag!” Samen met Kamer-collega Corrie van Brenk voerde Martin van Rooijen het debat over de begroting van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Lees hier deel 2: de inbreng van Martin.  

50PLUS vindt dat eindelijk méér werk gemaakt moet worden van een gelijkmatige koopkrachtontwikkeling voor werkenden, mensen die niet kunnen werken en mensen die gewerkt hebben. Het kabinet Rutte mikt vooral op de eerste groep mensen; de werkenden. Om ook voor ouderen tot een gelijkmatige inkomensontwikkeling te komen is het nu tijd voor een beheerste maar wel dik verdiende inhaalslag, stelde Martin van Rooijen in het begrotingsdebat met Wouter Koolmees (D66) en Tamara van Ark (VVD), minister en staatssecretaris op Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

► ‘Stop met discrimineren!’

Het Kamerlid van 50PLUS stelde klip en klaar wat je aan de koopkracht van ouderen zou kunnen doen: “Dat is niet zo moeilijk: stop met discrimineren! Fiscale leeftijdsdiscriminatie is in strijd met gelijke behandeling.” Voorbeelden zijn er te over, zei Martin van Rooijen, en hij somde ze in willekeurige volgorde op:  

1. Indirecte fiscalisering van de AOW
2. Invoeren van de Bosbelasting
3. Verhoging van de inkomensgrens voor inkomensafhankelijke bijdrage (IAB)
4. De Wet Uniformering Loonbegrip
5. Niet meedelen in het 5 miljard-pakket
6. Afschaffen van de ouderentoeslag
7. Ouderenkorting achterstellen bij arbeidskorting
8. Ouderenkorting extreem snel afbouwen
9. De aflosboete (afschaffen wet Hillen) 

► ‘Je hebt het dan niet begrepen’

Naast op de koopkracht van ouderen ging Martin van Rooijen uitgebreid in op de pensioenen en de AOW. Over pensioenen zei het Kamerlid dat 50PLUS steeds het verwijt hoort dat gepensioneerden ‘de potten leeggegeten en dat er niets overblijft voor jongeren’. “Dan heb je het niet begrepen of je wílt het niet begrijpen!”, zei een strijdbare Martin van Rooijen. “Welke rente we ook toepassen voor de dekkingsgraad van pensioenfondsen, zolang in werkelijkheid een hoger rendement wordt gemaakt groeit het vermogen!” De moeilijkheid zit volgens het Kamerlid in de door de overheid opgelegde verplichting aan pensioenfondsen om uit te gaan van een liquidatiescenario. “Dát is het echte probleem van de onhoudbaarheid van ons aanvullend pensioenstelsel!”

► ‘Het gelijk van 50PLUS’

Het Nederlandse pensioenstelsel heeft korte termijnprobleem en 50PLUS heeft daarvoor een oplossing: het generatieneutrale initiatiefwetsvoorstel Van Rooijen, voor een tijdelijke bodemrente van 2 procent. “Het korten van pensioenen als gevolg van rentemanipulatie van de Europese Centrale Bank is onnodig en onaanvaardbaar”, zei Martin van Rooijen. “Sinds de indiening van ons voorstel zijn er weer veel voorstanders, medestanders en steunbetuigingen bijgekomen.” Het initiatiefwetsvoorstel wordt in januari in de Tweede Kamer behandeld en daarom sloot Martin het hoofdstuk ‘pensioenen’ af met een knipoog: “U heeft nog een heel kerstreces de tijd, beste collega’s, om in alle rust het gelijk van 50PLUS tot u te nemen”.

► ‘In het scheurtje van het CPB zetten wij onze koevoet’

Het Centraal Planbureau (CPB) was twee weken geleden kritisch over de verhoging van de AOW-leeftijd. “Het CPB heeft een scheurtje veroorzaakt in de betonnen muur van institutionele on-bereidwilligheid”, constateerde Martin van Rooijen vilein. “En in dat scheurtje zetten wij onze 50PLUS-koevoet. Om dat te illustreren citeerde Martin kort uit een interview met CPB-baas Laura van Geest: “Het CPB vindt dat de overheid ook kan kijken naar het hoge tempo waarin de AOW-leeftijd omhooggaat.” Deze ligt al in 2022 op 67 jaar en drie maanden omdat de leeftijdsverhoging is gekoppeld aan de alsmaar stijgende levensverwachting. Het CPB stelde vast dat de huidige generatie ouderen minder tijd heeft gehad zich voor te bereiden op langer doorwerken.

► ‘Roeien op de golf van onvrede over de AOW-leeftijd’

Met het onderzoek van het CPB en de uitspraken van directeur Van Geest heeft 50PLUS meer mogelijkheden om minister Koolmees onder vuur te nemen over de verhoging van de AOW-leeftijd en de gevolgen daarvan. “Ons arsenaal is nu gegroeid met een figuurlijke koevoet”, zei Martin van Rooijen. “Het zal steeds lastiger worden voor het kabinet om niet te bewegen op het gebied van de AOW-leeftijd. En dat is pure winst. Maar het zal niet vanzelf gaan, dat blijkt wel uit de teleurstellende brief van minister Koolmees van gisteren. Wees echter verzekerd, wij kunnen met deze koevoet roeien op de golf van onvrede over de verhoging van de AOW-leeftijd. U bent nog niet van ons af!” •••

► Het debat over de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werd voor 50PLUS gevoerd door twee Kamerleden: Martin van Rooijen en Corrie van Brenk. De inbreng van Corrie van Brenk leest u hier.

 

► De volledige inbreng van Kamerlid Martin van Rooijen bij het debat over de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met minister Wouter Koolmees (D66) en staatssecretaris Tamara van Ark (VVD), minister en staatssecretaris op Sociale Zaken en Werkgelegenheid:
 
“50PLUS vraagt of dit kabinet bereid is niet alleen werkenden, maar álle mensen in Nederland méér te laten profiteren van het economisch herstel. 50PLUS vindt dat eindelijk méér werk gemaakt moet worden van een gelijkmatige koopkrachtontwikkeling voor werkenden, mensen die niet kunnen werken en mensen die gewerkt hebben. Het kabinet begunstigt vooral de werkende middengroepen. Zíj gaan er het meeste op vooruit.

Het steekt 50PLUS dat bij alle mooie woorden over stijgende koopkracht en lastenverlichting ‘voor iedereen’ vrij gemakkelijk voorbij wordt gegaan aan 400.000 kennelijk ‘niet normale huishoudens’ voor wie géén koopkrachtstijging maar juist een koopkrachtdaling wordt verwacht. Dat geldt ook voor ruim 400.000 gepensioneerden die er niets bij krijgen óf  juist minder koopkracht krijgen in deze kabinetsperiode. Gaat het kabinet nog iets voor hen doen? Zo niet, waarom niet?

Ik dank de minister wel voor zijn antwoord op onze vraag 5, over de koopkrachtontwikkeling van ouderen en werkenden. We zien grote verschillen tussen de diverse groepen, maar helaas ontbreekt de wegingsfactor per categorie. Kan dat nog worden toegevoegd? Het spreekt voor zich dat wij hadden gehoopt op een uitbreiding van de bekende CBS-koopkrachtgrafiek over de periode 2000 – 2015. Bij het antwoord op vraag 15 komt het ook niet. In de toelichting staat wel dat de dynamische koopkrachtvergelijking op basis waarvan wij in deze Kamer elk jaar met z’n allen de koopkracht van specifieke groepen bijsturen eigenlijk neerkomt op een vergelijking tussen appels en peren. Goed dat u het zelf zegt. Elk koopkrachtperspectief heeft zijn beperkingen. Maar een verlenging van het CBS-overzicht waar wij om hebben gevraagd is wat 50PLUS betreft evengoed een relevant perspectief. Daar zitten ook echte mensen achter. En het geeft ook meer continuïteit in de informatiestroom.  Maar wellicht kwam het deze minister ook gewoon goed uit dat de continuïteit is onderbroken?

Gelukkig heeft ook het Nibud gesproken. Daar schrokken we wel van. Vooral de vergelijking tussen werkende partners en gepensioneerde partners schetst een onthutsend beeld van de keuzes van dit kabinet. Kijkt u maar op pagina 14 en 15 van het Nibud-rapport als u het in 2 oogopslagen gezien wilt hebben. Dat is geen evenwichtige koopkrachtontwikkeling, voorzitter. En het is al helemaal niet de dik verdiende inhaalslag voor ouderen waar wij ons sterk voor maken. Sommigen vinden dat 50PLUS overdrijft maar ik zal het u nog sterker vertellen. Alle minnen in het Nibud-rapport, staan bij ouderen en ook alléén bij ouderen. Gaat deze minister dat echt verdedigen? Of gaat hij er nog iets aan doen?

En wat zou je er aan kunnen doen? Nou voorzitter, dat is niet zo moeilijk. Stop met discrimineren. Fiscale leeftijdsdiscriminatie is in strijd met gelijke behandeling. Voorbeelden zijn er te over, soms vergeten maar meestal niet kan ik u verzekeren. En we houden ze erin, in willekeurige volgorde:  

1. Indirecte fiscalisering van de AOW
2. Invoeren van de Bosbelasting
3. Verhoging van de inkomensgrens IAB.
4. De Wet Uniformering Loonbegrip.
5. Niet meedelen in het 5 miljard pakket
6. Afschaffen van de ouderentoeslag
7. Ouderenkorting achterstellen bij arbeidskorting
8. Ouderenkorting extreem snel afbouwen
9. De aflosboete 

En last but not least:

10. Een AOW die meestijgt met de gemiddelde loonontwikkeling, zoals partijen dat in de doorrekeningen ook steeds beloven, en niet slechts aan het minimumloon. 

In de tweede termijn zal ik een motie indienen waarin wordt geregeld dat  wijzigingen in het tarief van de Inkomensafhankelijke Bijdrage (IAB) niet meer bij ministeriele regeling geschiedt maar bij wet.

Tot slot op dit onderdeel. Het zijn niet de minste organisaties en personen die de laatste tijd wijzen op de achterblijvende loonontwikkeling, vooral in relatie tot onze krappe arbeidsmarkt. Volgens DNB raakt de arbeidsinkomensquote voorlopig niet eens aan het langjarig gemiddelde. Laat staan dat er hoogtepunten worden verwacht. Dat vraagt toch om een ingreep?, zo vraag ik de minister. Het kan, Nederland heeft immers niet alleen een klein overschot op de begroting maar ook nog een enorm overschot op de lopende rekening. Geen twin-deficit maar een twin-surpluss. Dat betekent iets. In het licht hiervan vraag ik de minister dan ook: Welke extra maatregelen gaat u nemen om de loonontwikkeling steviger aan te jagen?

Pensioenen

Wat ik u nu ga vertellen zijn de feiten. De belegde middelen van Pensioenfondsen zijn bestemd om de crediteuren van de Pensioenfondsen – en dat zijn de deelnemers, de slapers en de gepensioneerden – in staat te stellen hun vorderingen te innen.

Het verwijt dat 50PLUS en onze medestanders altijd weer horen is dat de potten leeggegeten worden door de gepensioneerden en dat er voor jongeren niets overblijft. Maar voorzitter, dan heb je het niet begrepen of je wilt het niet begrijpen. Op basis van alle historische gegevens die beschikbaar zijn is het ook technisch niet eens mogelijk. Want welke rente we ook toepassen voor de dekkingsgraad: zolang in werkelijkheid over de jaren heen een hoger rendement wordt gemaakt groeit het vermogen. Waarom is de berekening van de dekkingsgraad van pensioenfondsen dan zo extreem conservatief? Omdat pensioenfondsen verplicht zijn om uit te gaan van een liquidatiescenario. Dat is het echte probleem van de onhoudbaarheid van ons aanvullend pensioenstelsel. Het vreemde is echter dat weldenkende mensen die vraagtekens zetten bij de onlogische en destructieve regels worden weggezet als ondeskundig en egocentrisch.

Nederland heeft een goed pensioenstelsel en wij willen dat ook onze kinderen en kleinkinderen  dat nog kunnen zeggen. Met persoonlijke pensioenvermogens raken we dat voor eens en altijd kwijt en de minister lijkt bij deze omslag zelf vaak voorstander te zijn van de meest vergaande en minst solidaire varianten. Klopt het bijvoorbeeld dat binnen de SER berekeningen zijn gemaakt over de uitwerking van een mogelijk nieuw stelsel op basis van individuele posities van respectievelijk gepensioneerden, jongere en oudere werknemers? Kent de minister deze berekeningen en de conclusies ervan? Is de minister bereid deze berekeningen en de conclusies ter beschikking te stellen aan de Kamer en zo nee, waarom niet?
Pensioenfondsen lijken meer op coöperaties dan op verzekeringsmaatschappijen. Leden zijn niet alleen klanten maar ook eigenaren. Dat belangrijke feit lijken sommigen in dit huis regelmatig geheel naast zich neer te leggen. Een grote pensioenhervorming is, hoe je het ook inricht, ook een onteigening en herverdeling. Artikel 83 PW geeft deelnemers overigens ook het recht bezwaar te maken tegen de overgang naar een ander stelsel. En let op mijn woorden. Artikel 83 gaat nu weer een blokkade vormen voor de overgang naar individueel stelsel. Kan de minister uiteenzetten hoe hij artikel 83 PW in dit verband waardeert?

Ik ben echt geen roepende in een woestijn, voorzitter. Han de Jong, hoofdeconoom van ABN-AMRO, heeft tijdens een lezing op 28 november nog terecht gewezen op de valse aanname dat bij een individueel stelsel de rentegevoeligheid afneemt. “Dat is pertinent onjuist; het huidige stelsel kan bovendien ook veel minder renteafhankelijk gemaakt worden zonder grote hervorming met persoonlijke potje”, aldus De Jong. Daarnaast wijs ik ook op de stresstest van pensioenfondsen door EIOPA van december 2017. Hieruit blijkt dat Nederland de laagste gewogen discontovoet heeft van de 15 onderzochte landen en, als enige, daar bovenop ook nog een buffervereiste.

Dat zegt iets voorzitter. En er zijn recentelijk nog meer grote jongens geweest die met vreemde ogen naar ons pensioenstelsel hebben gekeken.

In oktober kwamen de resultaten naar buiten van een internationale studiegroep van ICPM, het International Centre for Pension Management in Toronto. Ik zal via de bode een PowerPoint-presentatie van het rapport en de conclusies laten ronddelen. De conclusies zijn glashelder: Een sociaal contract wordt vervangen door een financieel contract van individuele rekeningen. “Dit gaat in tegen veel waarden waar de Nederlandse maatschappij op is gebouwd. De problemen zijn beheersbaar en in feite van de kortere termijn”. De voorgestelde  hervorming tast het coöperatieve karakter van het pensioenstelsel aan en lijkt een te radicale oplossing voor het probleem. Volgens de auteurs komt dit neer op een enorme risico-overdracht van het collectief naar het individu.

Are the Dutch prepared for that?, zo vragen zij zich af. Nee!, is het antwoord van 50PLUS. Maar wat is het antwoord van de minister?
  
We hebben een korte termijnprobleem met het pensioenstelsel. Dat vindt 50PLUS ook en voor zover dat heel acuut is, heb ik reeds actie ondernomen. In januari spreken we namelijk in deze zaal over het generatieneutrale initiatiefwetsvoorstel Van Rooijen, voor een tijdelijke bodemrente van 2 procent. Het korten van pensioenen als gevolg van rentemanipulatie van de ECB is onnodig en onaanvaardbaar. Er is door de gedaalde rekenrente in de afgelopen jaren al sprake geweest van een verschuiving van 100 miljard aan pensioenvermogen van oud naar jong. 7 procent van het totale pensioenvermogen volgens Mercer. Genoeg is écht genoeg.
   
Ik zou ook vandaag al uren kunnen spreken over dit onderwerp. Want er zijn sinds de indiening van ons voorstel weer veel voorstanders, medestanders en steunbetuigingen bijgekomen. Enfin, dat komt allemaal uitgebreid aan bod bij de aanstaande behandeling van onze initiatiefwet. Dat is na het kerstreces en dus u heeft nog ruim voldoende tijd om het belang en de noordzaak van ons voorstel goed te doorgronden.

AOW-leeftijd

Snel naar het volgende onderwerp, de AOW. 7 december was wat mij betreft  een heuglijke dag. De betonnen muur van partijen en instituten die jarenlang elke beweging op het gebied van de AOW-leeftijd resoluut blokkeerden, is uit elkaar gevallen.
 
Wat is er gebeurd? Het Centraal Planbureau heeft een scheurtje veroorzaakt in de betonnen muur van institutionele on-bereidwilligheid. En in dat scheurtje zetten wij onze 50PLUS-koevoet. Om dat te illustreren citeer ik kort uit het interview met Laura van Geest in het Financieele Dagblad: “Het CPB vindt dat de overheid ook kan kijken naar het hoge tempo waarin de AOW-leeftijd omhooggaat. Deze ligt al in 2022 op 67 jaar en drie maanden, omdat de leeftijdsverhoging is gekoppeld aan de alsmaar stijgende levensverwachting. Van Geest brengt in herinnering dat onder druk van de economische crisis voor deze variant is gekozen, nadat de overheid lang tegen verhoging van de AOW-leeftijd had aangehikt. De politiek kan als alternatief de leeftijdsverhoging de komende jaren uitsmeren over een iets langere periode dan bijvoorbeeld ieder jaar drie maanden erbij optellen. De huidige generatie ouderen heeft immers minder tijd gehad zich voor te bereiden op langer doorwerken.”

Kijk voorzitter, hiermee is voor 50PLUS natuurlijk nog lang de buit niet binnen, maar ons arsenaal om deze minister onder vuur te nemen over de verhoging van de AOW-leeftijd en de gevolgen daarvan, is nu wel gegroeid met een figuurlijke koevoet.  Het zal steeds lastiger worden voor het kabinet om niet te bewegen op het gebied van de AOW-leeftijd en dat is winst. Maar het zal niet vanzelf gaan, dat blijkt uit de teleurstellende brief van minister Koolmees. Laura van geest zegt dat er generiek best iets mag gebeuren, maar de minister wilt het niet. Waarom is dat?
  
Een stukje vertragen is natuurlijk niet waar wij op uit zijn. 50PLUS wil de AOW-leeftijd terugbrengen naar 65 jaar en dat kan makkelijk. De miljarden waar dit kabinet mee smijt tonen glashelder aan dat verlaging van de AOW-leeftijd een politieke keuze is. De minister weet dat de vergrijzing die Nederland treft minder omvangrijk is dan in veel andere Europese landen. En daarnaast hebben wij premie betaald voor kapitaal gedekte pensioenen die maar liefst 2/3 deel vertegenwoordigen van alle pensioenbesparingen in Europa. Maar leiden deze gunstige uitgangspunten ook tot sociale voordelen voor de bevolking van Nederland? Een lagere pensioenleeftijd misschien? Een realistische rekenrente? Niets van dat alles. Bij onze oosterburen is de koppeling aan de levensverwachting al verbroken. Angela Merkel is daar tijdens de verkiezingsstrijd heel duidelijk over geweest. Haar uitgangspunt is dat het niet realistisch is om te veronderstellen dat na 67 jaar nog verwacht kan worden dat het allergrootste deel van de mensen nog kan werken. De Duitse bevolking is aanzienlijk meer vergrijsd dan die van ons land. Maar toch doet de politiek daar verstandig  en stopt de werkzame leeftijd op 67 jaar. Als we daar het simpele feit bij optellen, dat het 2e pijler pensioen in Nederland veel robuuster is geregeld en gefinancierd dan in Duitsland, dan wordt wederom onze conclusie gerechtvaardigd dat Nederland meer ruimte heeft voor een ruimhartig basispensioen en een lagere pensioenleeftijd dan Duitsland. Wat heeft het voor zin om het beste stelsel van de wereld te hebben als er voor de deelnemers sociaal gezien geen enkel voordeel in zit ten opzichte van landen die veel minder prudent met dit onderwerp omgaan? En Duitsland is in dit opzicht nog niet eens echt een zorgenkindje.

Het mag duidelijk zijn. Economisch en financieel was het verhogen van de AOW-leeftijd niet nodig en teruggaan naar ‘de goede oude tijd’ is in dit geval geen ongefundeerde 50PLUS-nostalgie maar realistische wens van een zeer groot deel van de Nederlandse bevolking. Wij staan daar voor!
Ik wil ik de minister ook vragen naar zijn interpretatie van ‘grijze druk’. In zijn antwoorden krijgen wij cijfers waarbij de grijze druk gebaseerd is op een leeftijd van 65 jaar. De minister geeft hiermee de cijfers op basis van de sociale en wenselijke inrichting van de AOW. Heel fijn. Maar hij zou natuurlijk cijfers moeten geven op basis van zijn eigen minder sociale inrichting van de AOW. Graag een toelichting.

Nu ook het CPB beweegt, ziet 50PLUS het al voor zich. Het kabinet zal na een lang opzichtig gevecht met de Kamer waarschijnlijk voorstellen om de verhoging van de AOW-leeftijd een heel klein beetje te vertragen. Niet wezenlijk natuurlijk, want het mag niks kosten. Stel je voor zeg, dat jongeren van nu er ook nog wat aan zouden hebben. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. We kunnen een pleister krijgen voor een kanonschot en als ik de sfeer goed proef, dan wil het kabinet in ruil voor die pleister de ouderen van nu én van later nog een keer beschieten. In ruil voor niets meer dan een piepkleine vertraging van de verhoging van de AOW-leeftijd zouden we massaal akkoord moeten gaan met een onbewezen, mega ingewikkelde hervorming van ons dierbare pensioenstelsel. Speculatie of niet, wij zien de bui aankomen, but read my lips: no new pensioenstelsel. En geen koppelverkoop van AOW en 2e pijler. Kan de minister dat toezeggen?
 
50PLUS staat voor een lagere AOW-leeftijd en voor een passende verbeteringen aan het 2e pijler pensioenstelsel, zoals ik daarstraks uiteen heb gezet. Daar willen wij over meepraten en als het moet, ja als het echt moet, dan doen wij ook water bij de wijn. Maar wij zijn niet uw kanonnenvoer.

Wij vinden ook de FNV aan onze zijde. Op 13 december heeft de vakbond een brandbrief gestuurd met de boodschap: “Stop met de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd en stop met de automatische koppeling aan de levensverwachting”. “De mensen die het vroegst beginnen en het zwaarste werk doen, moeten nu het langst doorwerken. Ze gaan later met pensioen en leven gemiddeld ook nog eens korter. Ze moeten op hun versleten knieën naar de eindstreep, en die eindstreep schuift steeds verder op”. De verhoging van de AOW-leeftijd en de dramatische versnelling die er nog bovenop kwam waren crisismaatregelen. De crisis is voorbij dus laat het duidelijk zijn wat de kiezers nu van ons verwachten!

En dan kom ik bij de moties en het amendement. Voorzitter wij dienen een amendement in om de AOW-uitkeringen volgend jaar met 2 procent extra te verhogen, bovenop de normale  indexatie.  Wij maken ons sterk voor een beheerste doch serieuze inhaalslag, en daartoe is dit amendement een eerste stap.

Dat niet alle collega-Kamerleden al overtuigd zijn van een verlaging van de AOW-leeftijd naar 65 is jammer; maar wij zullen ook de twijfelaars in dit huis optimaal in de gelegenheid stellen om in beweging te komen. Deze kamer is stapsgewijs afgestapt van een AOW leeftijd op 65; via onze AOW-moties kunt u er ook stapsgewijs weer terug naartoe bewegen. Dank u wel.”

© 20 december 2017


Wilt u op de hoogte blijven?

Close

Like ons dan op Facebook!