Pillen medicijnen Freestocks org Unsplash

Patiënten en cliënten weten vaak niet dat ze recht hebben op onafhankelijke ondersteuning.

Léonie Sazias constateerde in een debat met minister Bruins (Medische Zorg) dat gemeenten patiënten/cliënten in de curatieve zorg vaak niet wijzen op de mogelijkheid van onafhankelijke cliëntondersteuning. Ze krijgen die ondersteuning in ieder geval niet structureel of automatisch aangeboden. Zelfs niet als het om kwetsbare groepen gaat die het hard nodig hebben.

Nationale voorlichtingscampagne?

Wordt het geen tijd voor een nationale voorlichtingscampagne, zodat mensen zelf op de hoogte zijn van het recht op onafhankelijke cliëntondersteuning en er om kunnen vragen, zo vroeg het 50PLUS-Kamerlid de minister.

Onderzoek

Léonie wil in ieder geval dat de bewindsman een onderzoek laat doen naar de behoefte aan die ondersteuning in de curatieve zorg. De beoogde cliënten moeten vervolgens ook worden betrokken bij het ontwikkelen van het aanbod aan ondersteuning, vindt ze. Ook het NIVEL (Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg) heeft daar recent in een rapport op aangedrongen.

 

De volledige inbreng van Kamerlid Léonie Sazias in het debat over patiënten- en cliëntenrechten en veiligheid in de zorg met minister Bruins (Medische Zorg)

“Uit het recente rapport van NIVEL blijkt dat cliëntondersteuning op het gebied van curatieve zorg niet structureel of automatisch wordt aangeboden vanuit gemeenten. Patiënten en cliënten worden niet op de mogelijkheid gewezen, ook niet bij de kwetsbare groepen, die het juist zo hard nodig hebben. Daardoor is er dus ook weinig inzicht in de omvang en behoefte aan cliëntenondersteuning in de curatieve zorg. Is de minister bereid dit te onderzoeken en daarbij de beoogde cliënten te betrekken bij het ontwikkelen van het aanbod, wat ook in het rapport wordt geadviseerd?

Cliënten zelf zijn ook onvoldoende op de hoogte van hun recht op cliëntondersteuning. Gemeenten zijn verplicht om mensen op de hoogte te stellen van hun recht op cliëntondersteuning, maar het blijft maar niet lukken. Wordt het niet tijd voor een nationale voorlichtingscampagne, zodat mensen zelf op de hoogte zijn en er om kunnen vragen?

Begin vorig jaar bleek uit het rapport ‘Vervolgonderzoek medicatieveiligheid’ dat er nog jaarlijks tienduizenden mensen onnodig in het ziekenhuis komen of sterven door verkeerd medicijngebruik . Ouderen zijn hier voor vooral kwetsbaar onder andere doordat zij vaak meerdere medicijnen gebruiken en vaak nog thuis wonen. Dit is ook in het belang om valincidenten tegen te gaan. Uw voorganger heeft begin vorig jaar een uitrol van medicatiebeoordelingen opgesteld . Daarin was de ambitie om eind 2017 alle patiënten van 75 jaar of ouder die 7 of meer medicijnen gebruiken en een verminderde nierfunctie hadden een medicatiebeoordeling te geven. 50PLUS is erg benieuwd of dat gelukt is. De overige groep, de 65-plussers die voldoen aan de criteria richtlijn polyfarmacie, zouden vanaf 2018 een medicatiebeoordeling krijgen. Wat is hiervan de voortgang? Ook geeft u voorganger in de brief aan dat zij zou bezien welke andere groepen in aanmerkingen komen voor een medicatiebeoordeling. Graag een reactie van de minister.

In het rapport ‘De juiste zorg op de juiste plek’ staan verschillende adviezen om medicatieveiligheid te bevorderen en daarbij kosten te besparen. Eén van die adviezen is het inzetten van een medicatiebeoordeling op maat. Ook met het oog op dit advies vindt 50PLUS het nog steeds onbestaanbaar dat er zorgverzekeraars zijn die medicatiebeoordelingen onder het eigen risico laten vallen. De minister zei de tijdens de begrotingsbehandeling dat zorgverzekeraars daar zelf over gaan , maar misschien kan de minister ze een duwtje in de goed richting geven?

50PLUS vindt het enorm belangrijk dat patiëntenverenigingen betrokken worden bij beleid en de evaluatie van beleid. Onafhankelijkheid is daarbij van groot belang en de inmenging door financiering door de farmaceutische industrie is wat ons betreft niet gewenst. We zien dat er steeds meer gevraagd wordt van de patiëntenverenigingen maar daar staat geen navenante financiering tegenover. Hoe gaat de minister zorgen voor een ruimere facilitering, ook financieel, van deze organisaties.

Bij de behandeling van kanker zijn er verschillende soorten chemo beschikbaar. De ene tumor reageert beter op chemo A en de andere weer op chemo B. Nu wordt dat door trial en error vastgesteld, wat soms betekent dat er over-of onderbehandeling plaatsvindt. Het is mogelijk om vooraf te testen op welke chemo de tumor het beste reageert. Waarom wordt dit niet standaard aangeboden?”

© 25 april 2018