Gepensioneerden zijn terecht heel boos, stelt pensioendeskundige Rob de Brouwer. Zij krijgen niet uitgekeerd wat hen is beloofd, terwijl daarvoor wel genoeg geld in de potten zit!

Geld en ouderen - Foto: Alexas Fotos (Pixabay)

Gepensioneerden die in hun werkzame leven een aanvullend pensioen hebben opgebouwd zijn teleurgesteld en in veel gevallen zelfs boos. Die boosheid vindt zijn oorzaak in het feit dat niet wordt uitgekeerd wat ze is beloofd, terwijl daarvoor wel genoeg geld in de potten zit.

Pensioenfondsen moeten door de regels die door de politiek zijn bedacht net doen of ze te arm zijn om hun beloften na te komen. Ook ouderen weten dat de pensioenen die door de afdracht van premie voor hen werd opgebouwd afhankelijk zijn van de resultaten die pensioenfondsen boeken op de markten waar het geld van de premie wordt belegd. Ook ouderen weten dat die beleggingen niet zeker zijn en dat zelfs verliezen kunnen worden geleden waardoor niet het resultaat wordt bereikt dat was voorzien. En ouderen weten ook dat pensioenfondsen niet failliet kunnen gaan en dat tekorten een-op-een doorwerken in de uitkeringen en de aanspraken. Maar als grote winsten worden gemaakt op de aandelenmarkten en het belegde vermogen steeds verder groeit en pensioenen toch niet worden aangepast aan de prijsstijgingen en in veel gevallen zelfs worden gekort, dan is er reden voor boosheid en teleurstelling.

Risico’s

Pensioenfondsen analyseren hun financiële situatie periodiek en kijken dan naar de risico’s op de financiële markten. Zij beoordelen hun posities in aandelen, onroerend goed en vastrentende waarden tegen de verwachtingen van de markt en proberen tijdig maatregelen te nemen om ongelukken te voorkomen. En zij publiceren hun bevindingen regelmatig. Een middelgroot pensioenfonds als het Pensioenfonds Hoogovens schrijft in het jaarverslag 2007 over een analyse die werd uitgevoerd om de continuïteit van het fonds in relatie tot de verplichtingen vast te stellen het volgende:

“De uitkomsten van de continuïteitsanalyse laten zien dat de doelstellingen van het pensioenfonds haalbaar zijn. Dit betekent dat de pensioentoezegging zoals vastgelegd in de pensioenregeling naar verwachting kan worden gerealiseerd. Hierbij realiseert het pensioenfonds een voldoende hoog beleggingsrendement om de ambitie (niet de garantie) van een welvaartsvaste opbouw van het pensioen, een waardevaste pensioenuitkering en het betaalbaar houden van de premies te kunnen waarmaken. Dit alles tegen een aanvaardbaar financieel risico.

Uit de gevoeligheidsanalyse blijkt dat het fonds vooral gevoelig is voor wijzigingen van het verwachte beleggingsrendement en een hoger dan verwachte looninflatie ten opzichte van de prijsinflatie. Hiermee zijn stressscenario’s doorgerekend. Ofschoon lagere beleggingsrendementen en/of hoge loonstijgingen een substantiële invloed hebben op de solvabiliteit, waardevastheid en het premieniveau, zijn de uitkomsten van deze stress- scenario’s niet verontrustend. Het pensioenfonds blijkt over voldoende herstelvermogen te beschikken. De algemene conclusie uit de continuïteitsanalyse is dat het vigerende financiële beleid voldoende robuust is.”

Als je deze passage uit het jaarverslag leest dan krijg je als deelnemer of pensioengerechtigde van Hoogovens/Corus/Tata Steel een gerust gevoel. Alles is hier op orde. De enige risico’s zijn lagere dan verwachte beleggingsrendementen en/of hogere dan verwachte looninflatie. Sinds 2007 is het gemiddelde rendement dat het Pensioenfonds Hoogovens maakt veel hoger dan verwacht. En de looninflatie is lager dan verwacht. Op basis van wat het Pensioenfonds Hoogovens heeft voorzien is er geen vuiltje aan de lucht.

Je kunt het ook anders benaderen. In 2005 heeft het Pensioenfonds Hoogovens 82 procent van wat nodig is voor alle toekomstige verplichtingen al in kas. Als een rendement wordt gemaakt van 1,3 procent per jaar voor de komende zestig jaar dan kunnen alle verplichtingen worden nagekomen. Twaalf jaar later, in 2017, is er al 87 procent in kas en hoeft nog maar een rendement te worden gemaakt van 0,7 procent per jaar. Een aanzienlijke verdere verbetering van de toch al krachtige financiële positie in 2005.

Geïndexeerd pensioen

Toch worden beide jaren geheel verschillend beoordeeld. Het jaar 2005 wordt gezien werd als een buitengewoon gezond en sterk jaar, met ruim voldoende middelen om in de toekomst een geïndexeerd pensioen te garanderen. Het jaar 2017, met een relatief ten opzichte van de verplichtingen nog veel groter vermogen wordt echter gezien als een problematisch jaar. Het pensioenfonds van Hoogovens heeft een aanzienlijk betere financiële positie in 2017 dan in 2005 en toch konden de pensioenen in 2005 fluitend worden verhoogd en staat het fonds in 2017 onder toezicht van De Nederlandsche Bank omdat het zogenaamd te weinig vermogen heeft.

Ernstig tekort gedaan

Stel nu dat je een gepensioneerde bent van Hoogovens/Corus/Tata Steel en je interesseert je voor het wel en wee van je pensioenfonds. Je weet dat je uitkering niet zeker is, maar afhankelijk is van de resultaten van het pensioenfonds. Daar is je pensioenfonds ook steeds eerlijk en duidelijk over geweest. Je leest elk jaar weer het jaarverslag dat op de website van het pensioenfonds wordt gepubliceerd. En je leest dat de continuïteitsanalyse van 2007 aangeeft dat er geen problemen zijn en dat de beschikbare belegde middelen steeds weer verder groeien ten opzichte van de verplichtingen, dan voel je je toch ernstig tekort gedaan als blijkt dat het pensioenfonds je tóch niet geeft waar je recht op hebt? Iedereen die zegt dat de situatie nu veel moeilijker is dan die in 2005 of 2007 verkondigt kletskoek. Maar toch blijkt dat er in Den Haag mensen zitten die je pensioenfonds dwingen geld achter te houden. Voor wie?

Ontgoocheld

Daarom zijn de gepensioneerden zo ontgoocheld. Niet alleen uit zorg voor hun eigen portemonnee. Maar ook omdat de regels die indexatie verbieden schadelijk zijn voor onze economie. Inmiddels lopen gepensioneerden op de uitkering van het aanvullend pensioen meer dan 15 procent achter. Bij velen is zelfs gekort op hun uitkering. Nationaal gezien hadden de uitkeringen zonder problemen 5 miljard euro hoger kunnen liggen. Met als bijkomend voordeel 2 miljard euro meer inkomsten voor de Belastingdienst.

Dagelijks overlijden gepensioneerden die nooit meer zullen krijgen waar ze recht op hadden. Politici spiegelen ons voor dat het zelfs nog jaren kan duren vooraleer er weer normaal kan worden geïndexeerd. Een hele generatie is dan bestolen. Want het geld was er wél, maar het moest in kas blijven. Daar zijn gepensioneerden boos over. En terecht!

Rob de Brouwer

Rob de Brouwer is auteur van het boek ‘21 Mythes en onwaarheden over ons pensioen’ en voorzitter van de Vereniging van Oud Hoogovens Medewerkers. Rob staat op de derde plaats van de kandidatenlijst van 50PLUS voor de Eerste Kamer.

© 22 januari 2019