Tijdens het debat in de Tweede Kamer over de CoronaMelder vroeg Léonie Sazias aan minister Hugo de Jonge waarom er voor een vrijwillige app een wet nodig is. Verder vroeg het Kamerlid aandacht voor de ontoereikende testcapaciteit, de toegevoegde waarde van de app en de toegankelijkheid.

Coronamelder app

“Ik snap niet waarom de invoering van deze app, met alle vrijwilligheid, een wet noodzakelijk is”, zei Léonie Sazias tijdens het debat in de Tweede Kamer over de tijdelijke Wet notificatieapplicatie covid-19. Het Kamerlid van 50PLUS vroeg minister De Jonge dat nog eens goed duidelijk te maken.

De CoronaMelder zou op 1 september landelijk in gebruik worden genomen, maar minister De Jonge stelde dat uit omdat de app nog niet goed werkt en de beide Kamers zich er nog over moesten buigen. “50PLUS vraagt zich af of het een goed idee is om de app in te voeren zolang het hele testproces nog niet op orde is”, gaf Léonie Sazias aan. “Als je een notificatie krijgt dat je een kwartier lang in de buurt van iemand met corona bent geweest, dan wil je je ook laten testen. Maar daar is de capaciteit niet voldoende voor. Laboratoria die de coronatesten verwerken hebben niet genoeg materialen voorradig en bij de GGD is de capaciteit ook nog steeds niet op orde. Moet de minister niet eerst orde op zaken stellen voordat hij die app invoert?”

Wat is de toegevoegde waarde?

“Zo lang mensen die een melding krijgen dat ze in de buurt zijn geweest zich pas hoeven te laten testen bij klachten, wat is dan de toegevoegde waarde van de app? We moeten ons immers al laten testen bij klachten; een melding van de CoronaMelder verandert daar niets aan”, stelt het Kamerlid van 50PLUS vast.

“Maanden geleden wilde de minister al een app lanceren, maar dat bleek gemakkelijker gezegd dan gedaan. Nu is er meer tijd geweest om een gedegen app te laten bouwen, maar toch wil ik de minister vragen: kan hij garanderen dat snelheid van invoering niet de overhand heeft en dat de app gedegen is onderzocht voordat die wordt ingevoerd? De minister heeft maar één kans. Als toch blijkt dat de privacy niet gewaarborgd is, dan kunnen we die app wel in de prullenbak gooien.”

Toegankelijkheid van de app

“In enkele regio’s is de app getest op effectiviteit, zowel technisch als op gebruikersvriendelijkheid. Daarbij werden specifieke groepen meegenomen, zoals doven, slechthorenden en laaggeletterden. Zijn ze ook door die specifieke groepen getest en gebruikersvriendelijk en toegankelijk bevonden? Dat is me nog niet helemaal duidelijk geworden. En hoe zit het met de helpdesk? Is die voldoende toegerust en wordt daar ook rekening gehouden met specifieke groepen?”

Het expertpanel dat de ethische analyse uitvoerde beveelt aan om te onderzoeken hoe groot de groep is die geen toegang heeft tot de app, omdat ze geen of een te oude smartphone bezit en hoe groot het aandeel van die groep is dat een verhoogd risico heeft op besmetting, zoals ouderen. “50PLUS hoort graag van de minister of hij dit gaat doen en denkt hij na over mogelijkheden om die groep toch toegang te verschaffen?”, vroeg Léonie Sazias. Ze stelde de minister nog twee vervolgvragen:

“Er is besloten om niet samen te werken met de buurtlanden. Maar wat betekent dat voor mensen in de grensregio’s?”

“De Nederlandse orde van advocaten vindt een maximale hechtenis van zes maanden op overtreding van de misbruikbepaling niet proportioneel; zij stelt een maximum van drie maanden voor. De regering neemt dit advies niet over. Waarom is er gekozen voor zo’n hoge straf?”

© 2 september 2020