Baay 960 febr 2018

In de Eerste Kamer heeft Martine Baay namens 50PLUS zeer kritische opmerkingen gemaakt over het initiatiefwetsvoorstel waarin wordt geregeld dat bezoekers die kennis hebben of krijgen van misbruik van prostituees strafbaar gesteld worden. Volgens 50PLUS zal het voorstel in de praktijk weinig handhaafbaar en uitvoerbaar blijken te zijn.

Bij de behandeling van het wetsvoorstel in de Senaat op maandag 22 maart merkte Martine Baay onder meer op dat de doelstelling van dit initiatiefwetsvoorstel zich niet richt op degenen die rechtstreeks verantwoordelijk zijn voor de mensenhandel namelijk de daders, zoals pooiers, uitbaters van sekswerkers en loverboys.

“De strafbaarstelling richt zich hier op de indirecte daders. Daaronder wordt verstaan de prostituanten, de klanten en bezoekers van prostituees. Door hun vraag naar seksuele diensten, verleend door slachtoffers van mensenhandel, zijn zij medeverantwoordelijk voor het voortduren van mensenhandel binnen de prostitutie”, bracht de 50PLUS-Senator naar voren.

Het wetsvoorstel richt zich specifiek op een afzonderlijke strafbaarstelling van diegenen die gebruik maken van de diensten van een prostituee terwijl zij weten of ernstig reden hadden om te vermoeden dat de prostituee zich gedwongen prostitueert. Dus expliciet tegen diens wil seksuele interactie heeft. Een bezoek aan een prostituee die op vrijwillige basis haar/zijn diensten aanbiedt is en blijft niet strafbaar.

Volgens Martine Baay kunnen de bewustwording en alertheid op slachtofferschap van mensenhandel beter bereikt worden via educatie en voorlichting, nu uit de Slachtoffermonitor mensenhandel blijkt dat deze vorm van mensenhandel verreweg de jongste slachtoffers maar ook de jongste daders kent. Ze wees erop dat bekend is dat jaarlijks tientallen jonge kinderen uit de asielzoekerscentra verdwijnen waarvan velen in de prostitutie eindigen.

De 50PLUS-fractie ziet vooralsnog behoorlijk wat bewijstechnische problemen om tot veroordelingen te komen op basis van het voorgestelde wetsartikel.

Lees HIER de volledige bijdrage van Martine Baay aan de behandeling van het wetsvoorstel.

22 maart 2021