50PLUS vraagt zich af of waarom Nederland zijn best blijft doen om actief mee te werken aan NAVO-missies als er zo veel problemen zijn binnen de krijgsmacht.

In een debat met de ministers Blok en Bijleveld vroeg Martin van Rooijen of dat een compensatie is voor het feit dat Nederland zich voorlopig nog niet kan houden aan afspraken binnen de NAVO over extra geld voor de krijgsmacht. Het Kamerlid van 50PLUS wilde ook graag weten wanneer Nederland zich wél aan die afspraken gaat houden. 

NAVO ► Inbreng van Martin van Rooijen bij het algemeen overleg van de commissie Buitenlandse Zaken over de NAVO-top met minister Blok van Buitenlandse Zaken en minister Bijleveld-Schouten van Defensie:

“Als het om de krijgsmacht gaat, verkeert het kabinet in een spagaat. Bij het bespreken van de binnenlandse agenda maken we ons grote zorgen over de basisgereedheid, de inzetbaarheid en de uitrusting van onze militairen. Maar binnen de NAVO willen we graag blijven meedoen. Dat blijkt wel uit de geannoteerde agenda voor de NAVO-top van 11 en 12 juli, waar we vandaag over praten. Er kan geen sprake van zijn dat we zeggen: Donald, Emmanuel, Jens, het moet nu even een tandje minder.

Dat is op zich begrijpelijk, want we hebben ons destijds in Wales wel gecommitteerd aan die 2 procent. En daar komen we voorlopig nog niet eens in de buurt. Dus dan doen we ons uiterste best om toch goede vrienden te blijven. We schermen met een mogelijke extra vervolgstap als het om verhoging van de defensie-uitgaven gaat en we benadrukken dat meedoen in de NAVO niet alleen om geld gaat, maar ook om capabilities en contributions.

Dus vergroten we onze bijdrage aan de Resolute Support missie in Afghanistan met 60 mensen en doen we nog wat vage beloften. Vervolgens schrijven we een brief van 16 kantjes aan de Kamer om die extra militairen in Afghanistan geloofwaardig te maken, maar eigenlijk komt het erop neer dat we ons uiterste best doen om Donald, Emmanuel, Jens en al die andere NAVO-partners niet al te kwaad te maken. En over de capabilities krijgen we nog een brief. Wanneer kunnen we die verwachten?

Voorzitter, ik had het over vage beloften. Daarover wil 50PLUS graag meer duidelijkheid. Op pagina 10 van de geannoteerde agenda schrijven de ministers dat Nederland onderzoekt in hoeverre we een bijdrage aan het zogenoemde 4x30 initiatief kunnen leveren. Wat houdt dat onderzoek in, en wanneer heeft dat een resultaat? Op pagina 4 lezen we dat we nadere informatie krijgen over de exacte personele en financiële implicaties voor Nederland van de aanpassing van de commandostructuur van de NAVO. Gaat het dan over tonnen of over miljoenen? En hebben we daar de mensen voor? 

Voorzitter, over de Trans-Atlantische relaties schrijven de ministers na een korte opsomming van recente Amerikaanse misstappen – of zoals zij het noemen: teleurstellende besluiten – dat de top de mogelijkheid biedt een krachtige boodschap van eenheid af te geven. Kan de minister van Buitenlandse Zaken dat uitleggen? Wat verwacht hij eigenlijk van de Amerikanen tijdens de top?

In het hele verhaal is Rusland de kwaaie pier en daar zijn beslist redenen voor. Maar hoe moeten we vanuit Rusland gezien onze houding beoordelen als wij in Brussel rond de tafel schuiven met de presidenten van Georgië en Oekraïne om over verdere samenwerking te praten? We zijn blij dat het kabinet duidelijk aangeeft dat Nederland zich verzet tegen een snelle deelname van die landen aan het Membership Action Plan.

Dan de cyberdreiging. Die kan vallen onder artikel 5, zo lezen we. Betekent dat bij een gerichte cyberaanval op België dat we dan als NAVO tegenacties gaan ondernemen? En blijft het dan bij cyber of kunnen volgens de minister ook meer conventionele militaire middelen worden ingezet? Het lijkt er wel op. En wat moet ik in dat verband met de zin onderaan pagina 9 waar we lezen dat Nederland publieke attributie beschouwt als een mogelijkheid om de kosten voor de plegers van dergelijke aanvallen te verhogen. Wat staat daar nu eigenlijk?

Dan is er de Zuidflank. Zien de ministers een rol voor de NAVO in de aanpak van de migratieproblemen? Gaan we daarvoor ook de banden met Tunesië aanhalen? Wat bedoelen de ministers met de zin dat zij voor de NAVO een niche-capaciteit zien bij de opbouw van een sterke en integere veiligheidssector? En dan nog een vraag over de westelijke Balkan. Waarin verschillen de toelatingscriteria van de NAVO van die van de Europese Unie, los van het militaire gedeelte?

Voorzitter, ik kom tot slot weer terug op die 2 procent. Over hoe we dat gaan bereiken houdt het kabinet nog allerlei slagen om de arm. We lezen termen als: de ontwikkeling van de veiligheidssituatie, rijksbrede prioriteiten, afgesproken budgettaire kaders. Volgens mij komen de ministers daar in Brussel niet mee weg. Dus stel ik maar de vraag die zij daar ongetwijfeld te horen krijgen. Zit Nederland in 2024 op die 2 procent; ja of nee? De Kamer heeft als eerste recht op een duidelijk antwoord.”

© 27 juni 2018


Wilt u op de hoogte blijven?

Close

Like ons dan op Facebook!