Mantelzorgers worden nu teveel belast. 50PLUS wil daarom een vast pakket maatregelen ter ondersteuning van mantelzorgers.

Handen op schoot - Foto: Rawpixel (Unsplash)

“Mantelzorg is van cruciaal belang bij de mogelijkheid om langer thuis te wonen, maar we vragen soms wel erg veel van mantelzorgers! En we ondersteunen ze  onvoldoende”, zo stelde Simon Geleijnse van 50PLUS in een overleg over ouderenzorg met minister De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport). 

Langer thuis

Geleijnse stelde daarnaast een paar kritische vragen over de voortgang en stand van zaken van het programma ‘Langer thuis’, gericht op het langer thuis laten wonen van ouderen. “Kan de minister ons al een update geven over de werkagenda en planning wat betreft de versteviging van de regionale samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraars. Is uiterlijk eind deze maand, zoals de minister in november aangaf, nog in beeld?”

Eenzaamheid

Ook vraagt 50PLUS in te gaan op de voortgangrapportage van het programma Eén tegen Eenzaamheid. “Op dit moment zijn slechts 63 van de 355 gemeenten aangesloten bij het programma. Dat is veel te weinig”, aldus Kamerlid Simon Geleijnse. •


De volledige inbreng van Simon Geleijnse bij het algemeen overleg Ouderenzorg met minister De Jonge (VWS):

“50PLUS is verheugd dat de campagne, met als doel de beeldvorming over ouderen en ouder worden in positieve zin te veranderen, nog voor de zomer start. Eerder sprak de minister over starten in het voorjaar. Is voor de zomer echt definitief? vraag ik de minister. En dank aan de Raad van Ouderen voor al hun inzet.

Ook bij de ouderenzorg is preventie en behoud van vitaliteit van groot belang. Mag ik deze minister eens vragen te reageren op het door zijn collega gepresenteerde Preventieakkoord, en dan in het licht van de ouderen en de ouderenzorg. Is er in dit akkoord, wat hem betreft, voldoende rekening gehouden met onze ouderen?

Het project TOM, gericht op valpreventie, loopt al enige tijd. Dit project is ook een proeftuin. Zijn er al resultaten bekend vanuit de evaluatie? Zo niet, wanneer kunnen we deze verwachten?

Een aantal vragen naar aanleiding van de stand van zakenbrief van het programma ‘Langer Thuis’.

- Kan de minister ons al een update geven over de werkagenda en planning wat betreft de versteviging van de regionale samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraars? Is uiterlijk eind deze maand, zoals de minister in november aangaf, nog in beeld? Ik lees daar niets over in zijn brief van vorige week.

We hebben met belangstelling kennis genomen van de Stimuleringsregeling E-health Thuis (SET). Ook 50PLUS is positief over het toepassen van e-health. Het kan zeker bijdragen aan effectievere zorg en maakt langer zelfstandig wonen mogelijk. Is de minister bereid de Kamer eind 2019 te informeren over de toegekende aanvragen en het bijbehorende budget? En is de minister bereid, bij voldoende en kwalitatief goede aanvragen, geld naar voren te halen? Of is het strikt 30 miljoen per jaar? En is er naar de mening van de minister voldoende aandacht voor e-health in de huidige opleidingen?

Heeft de minister zicht op de contractering voor de inzet van specialisten ouderengeneeskunde in de eerste lijn en acute keten?

De minister blijft wat terughoudend als het gaat om de stand van zaken betreft actueel inzicht in de juiste beschikbare zorgplekken in de regio door verbreding van regionale coördinatiefunctie tijdelijk verblijf. Mag ik de minister uitnodigen om in zijn beantwoording minder terughoudend te zijn en klip en klaar de stand van zaken met ons te delen?

Voor de mantelzorgers is een goed en geschikt aanbod van respijtzorg van groot belang. Even een adempauze. Twee vragen naar aanleiding van de aanstelling van de landelijk aanjager respijtzorg, mevrouw Ross - Van Dorp: wanneer komt zij met haar bevindingen en voorstellen  en  heeft ze ook de vrijheid om vergaande voorstellen te doen, zoals het ‘ontschotten’ van deze vorm van zorg?

Mantelzorg is van cruciaal belang bij de mogelijkheid om langer thuis te wonen, maar we vragen soms wel erg veel van mantelzorgers! En we ondersteunen ze  onvoldoende. De minister geeft aan dat we mantelzorgers moeten wijzen op de (financiële) mogelijkheden die bestaan voor mantelzorgers. Maar hoe gaat de minister dit vormgeven? Is hij bereid daarin de leiding te nemen en een vast pakket maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorgers op te leggen aan gemeenten?

- Is de minister bereid de Kamer eind dit jaar te informeren over de resultaten van zijn inzet en de inzet van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als het gaat om het stimuleren en faciliteren van gemeenten en corporaties om rekening te houden met het groeiend aantal ouderen en hun diverse woonwensen? Hoe lang blijft het ondersteuningsteam operationeel en welke omvang heeft dit team?

- Eenzaamheid is een urgent en complex probleem. In de voortgangsrapportage staat dat er 63 gemeenten zijn aangesloten bij het programma ‘Eén tegen Eenzaamheid’. 63 van de 355 gemeenten..., dat is wat 50PLUS betreft te mager. Hoe ziet de minister dit? En heeft de minister enig idee wat er met de decentralisatie-uitkering van 3,5 miljoen is gerealiseerd? Zijn daar beleidsafspraken over gemaakt?

Vorig jaar was er een bewustwordingscampagne met de boodschap: iedereen kan iets doen tegen eenzaamheid. Is het campagne-effect onderzoek van deze campagne inmiddels gereed? En welke plannen heeft de minister nog op dit gebied?

We hebben op dit moment een minister van programma’s, projecten en plannen. Is dit ook een minister die de portemonnee trekt omdat de zorg voor ouderen thuis ontoereikend is?

Tot slot nog twee vragen:

- Een paar weken geleden is een rapport verschenen van het Centraal Planbureau waarin wordt geconcludeerd dat wijkteams méér zorgkosten opleveren. In de media zijn de meningen verdeeld en het is de vraag of de conclusie wel juist is. De minister informeert de Kamer hierover nog met een brief, maar kan hij nu al een eerste reactie geven?

- In hoeverre is de minister voornemens om bij de monitoring en evaluatie van het programma ‘Langer Thuis’ rekening te houden met de zes kwetsbaarheidsprofielen die gezondheidswetenschapper Willemijn Looman heeft geïdentificeerd? We kunnen immers niet spreken over dé oudere of dé kwetsbare oudere.”

© 7 februari 2019