Belastingdienst - Foto: Harry Breugom

“De problemen bij de Belastingdienst als gevolg van de reorganisatie zijn nog niet voorbij. Integendeel!”, vindt Kamerlid Martin van Rooijen. 50PLUS heeft daarom samen met de SP een motie ingediend die vraagt om een parlementair onderzoek naar het functioneren van de Belastingdienst.

De Belastingdienst is van wezenlijk belang voor het functioneren van alle onderdelen van de collectieve sector, stellen de Kamerleden Martin van Rooijen (50PLUS) en Renske Leijten (SP). Het is hard nodig dat de Tweede Kamer zich een diepgaand inzicht verwerft in de oorzaken van de problematiek bij de Belastingdienst, waarbij ook haar eigen rol niet onbelicht blijft, vinden de twee Kamerleden. Zij dienden daarom een motie in die vraagt om een parlementair onderzoek naar de aansturing van de Belastingdienst.

Gebrek aan gekwalificeerd personeel

“Het huidige probleem bij de Belastingdienst, net als veel eerdere problemen bij die organisatie, vooral te herleiden naar een gebrek aan gekwalificeerd personeel”, constateerde Martin van Rooijen bij het debat over het bericht dat de Belastingdienst duizenden risicovolle aangiften niet controleert met staatssecretaris Snel van Financiën. “De pijn daarvan slaat overal in de organisatie neer. Nu weer worden tienduizenden aangiften voor de winstbelasting uit 2016 niet gecontroleerd.”

Erbarmelijke staat

Het aantal fte’s dat zich bezighoudt met boekenonderzoeken is met 20 procent teruggelopen, stelde het Kamerlid van 50PLUS vast. “En het aantal boekenonderzoeken bij de Belastingdienst-MKB is sinds 2013 zelfs gehalveerd, zo lezen wij in antwoord op vragen van de SP. Ik kan dit niet los zien van alle andere hoofdpijndossiers waarmee de Belastingdienst in de afgelopen jaren te maken heeft gehad. Het is niet de eerste of de tweede maar de zoveelste illustratie van de erbarmelijke staat van de Belastingdienst. In de lange aanloop naar een Belastingdienst die veel meer zou moeten leunen op automatisering, werd een vertrekregeling opengesteld. Wij weten allemaal wat daar de gevolgen van zijn geweest. Dat is geen geschiedenis. De Dienst lijdt daar nog steeds zwaar onder.”

Instroomregeling

“Het tekort aan hooggekwalificeerd ICT-personeel is zo mogelijk een nog grotere uitdaging. Juist deze mensen kunnen we nu niet missen. Ten eerste om een deuk te slaan in de legacy-problematiek en ten tweede om de effectiviteit en doelmatigheid van alle processen weer snel op orde te krijgen”, zei Martin van Rooijen. “Dus in plaats van een uitstroom-regeling voor belastingambtenaren, die 500 miljoen euro heeft gekost, heeft mijn partij bij de afgelopen Algemene Politieke Beschouwingen juist gepleit voor een instroomregeling. Dat is een woordgrapje, maar een intensivering tot 500 miljoen in de Belastingdienst mag wat 50PLUS betreft meteen worden overgemaakt. Dat stond ook zo in onze motie, die door vijf fracties werd meegetekend. Over deze intensivering zei het CPB in de tegenbegroting van 50PLUS het volgende: ‘Een intensivering in de Belastingdienst tot 500 miljoen leidt tot extra belastingopbrengsten van dezelfde omvang’. Dit zware geschut vond het kabinet niet nodig. Maar wij wel. En dat vinden we nog steeds. Wij overwegen dan ook om deze motie opnieuw in stemming te brengen. Wij willen deze intensivering in het kader van dit debat natuurlijk vooral gebruiken voor extra controlecapaciteit. Professor Kavelaars heeft daar deze week nog over gezegd dat elke controleambtenaar zijn salaris in een mum van tijd heeft terugverdiend!”

Aantoonbare kentering

Martin van Rooijen rondde zijn betoog af met een kort stukje tekst van uit zijn inbreng bij het overleg Belastingdienst van juni 2018, nu acht maanden geleden: “Niemand heeft nog illusies op een allesomvattend prestigeproject, waarmee we dit varkentje wel even zullen wassen. De keuze van de staatssecretaris voor een gecompartimenteerde en gefaseerde aanpak is begrijpelijk. Maar er moeten wel woorden en acties volgen die deze Kamer voldoende vertrouwen geven dat er binnen een redelijke termijn een werkelijke en aantoonbare kentering komt”.

Hoofdpijndossiers

Van Rooijen: “We zijn nu 8 maanden en 3 of 4 hoofdpijndossiers verder. De door mijn fractie gevraagde kentering schuift steeds verder naar achteren. Het vertrouwen dat deze kentering er alsnog snel komt is weggeëbd. De kans dat er de komende tijd nog meer beren op de weg verschijnen lijkt groter. Het is wat mijn fractie betreft dan ook voor de hand liggend wat er moet gebeuren. De Kamer moet het zware geschut in stelling brengen.”

© 21 februari 2019