50PLUS wil dat premier Rutte zich bij de Europese Top op 20 en 21 juni hard maakt voor het opnemen van de aanpak van leeftijdsdiscriminatie in de strategische agenda voor de Europese Unie.

Europese Unie - Beeld: European Parliament

50PLUS wil dat premier Rutte zich bij de Europese Top komende donderdag en vrijdag hard maakt om de aanpak van leeftijdsdiscriminatie op te nemen in de zogenoemde ‘Strategische agenda voor de Europese Unie’. Dat zei Kamerlid Gerrit Jan van Otterloo in een debat met minister-president Rutte. “Op dit moment is een vijfde van de bevolking in de Europese Unie 65 jaar of ouder. In heel veel landen – in Nederlandse gelukkig in steeds mindere mate – is die groep min of meer afgeschreven. We kennen allemaal schrijnende voorbeelden als het gaat om leeftijdsdiscriminatie in de zorg, in de financiële wereld en op sociaal gebied. Er ligt al sinds 2008 een richtlijn over de aanpak van discriminatie van de Europese Commissie, maar door tegenwerking van een aantal landen hebben de regeringsleiders die nog steeds niet overgenomen”, aldus Van Otterloo.

50PLUS-Kamerlid Gerrit Jan van Otterloo vroeg premier Rutte ook vroeg wat hij vindt van de uitkomsten van het moeizame overleg vorige week van de ministers van Financiën van de Eurolanden.


De volledige inbreng van Kamerlid Gerrit Jan van Otterloo bij het debat over de Europese top van 20 en 21 juni 2019 met minister-president Rutte:
 
“De minister-president en zijn collega’s bespreken deze week de strategische agenda; populair gezegd het boodschappenlijstje voor de nieuwe Europese Commissie. Ik zal niet alle onderwerpen op dat lijstje afvinken, maar me beperken tot de strategische agenda, het Meerjarig Financieel Kader, de Eurotop over de financiën en het klimaat.

Om met dat laatste te beginnen. Is mijn indruk juist dat er in september een hopeloos verdeelde Europese delegatie naar de VN-klimaattop gaat? Er ligt nu een stuk zonder conclusies, synthese of oplossingsrichting om een akkoord over een reductiedoel op lange termijn dichterbij te brengen, zo lezen we in de geannoteerde agenda. Ik lees tussen de regels door ook enige kritiek op het Roemeens voorzitterschap en dat proef ik ook in de tekst over het MFK. Daar staat dat tekstvoorstellen van het voorzitterschap geen goede weergave zijn van de verschillende standpunten binnen de raad. Is die indruk van kritiek op het Roemeense voorzitterschap juist?, zo vraag ik de premier.

Over dat MFK is er weinig positief te melden. We lezen dat het krachtenveld op nagenoeg alle onderwerpen nog sterk verdeeld is en het is inmiddels duidelijk dat er dit jaar geen beslissing zal vallen. In de wandelgangen is nu sprake van maart 2020. Acht de minister-president dat haalbaar? 

Dan de Eurotop. We hebben de indruk dat het er vorige week in de Eurogroep en Ecofin hard aan toe is gegaan. Een aantal zaken – zoals  het depositogarantiestelsel – is op de lange baan geschoven. Wat wel duidelijk is dat Nederland heeft moeten inbinden als het gaat om een aparte begroting voor de Eurozone. Het wordt weliswaar geen ‘schokfonds’, maar het komt er wel. We verzinnen daar nu een andere naam voor, maar dat die Eurozonebegroting onvermijdelijk lijkt, is wel duidelijk. Of heeft de minister-president daar een ander oordeel over? Gaat hij toch nog alles op alles zetten om te voorkomen dat er een apart Eurozonefonds komt buiten het MFK?

Waarom zegt het kabinet dat dan niet gewoon? Zo erg is het toch ook niet om een  keer je verlies toe te geven? En dankzij de hardnekkige opstelling van minister Hoekstra is er in elk geval een aantal piketpaaltjes geplaatst. Ik noem het verzet tegen een extra fonds naast de reguliere begroting en tegen de plannen voor het vullen van dat fonds. Hoe beoordeelt de premier zelf de uitkomst van het overleg in de Eurogroep? Verwacht hij dat er eind deze week nog aanvullende stappen gezet zullen worden, of schuiven de regeringsleiders dit door naar een volgende bijeenkomst van de ministers van financiën?

Dan de strategische agenda. In de geannoteerde agenda staat dat het kabinet zich in grote lijnen kan vinden in het concept. Dat leidt natuurlijk tot de vraag op welke punten de premier deze week verdere aanscherping zal bepleiten.

Leeftijdsdiscriminatie
50PLUS wil graag aandacht vragen voor een zaak die naar onze mening ook een plek moet hebben op die strategische agenda en dat is het onderwerp leeftijdsdiscriminatie. In het stuk komen de Europese waarden ook aan bod en gelijke behandeling is daarvan in onze ogen een van de belangrijkste. Op dit moment is een vijfde van de bevolking in de Europese Unie 65 jaar of ouder. In heel veel landen – in Nederlandse gelukkig in steeds mindere mate – is die groep min of meer afgeschreven. We kennen allemaal schrijnende voorbeelden als het gaat om leeftijdsdiscriminatie in de zorg, in de financiële wereld en op sociaal gebied. 

In juli 2008 heeft de Europese Commissie een richtlijn vastgesteld over de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen, ongeacht godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid. Dit voorstel heeft tot doel om ook buiten de arbeidsmarkt het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid toe te passen. Het creëert een kader voor het verbod op discriminatie op deze gronden en stelt in de Europese Unie hetzelfde minimumbeschermingsniveau in voor mensen die op die gronden worden gediscrimineerd. Het is dus een aanvulling op de al uit 2000 daterende richtlijn die discriminatie op grond van godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid verbiedt als het gaat om arbeid, beroep en beroepsopleiding.

Die richtlijn uit 2008 is nog steeds niet door de Raad overgenomen omdat een aantal landen zich daartegen verzet. Daarom vraagt 50PLUS de premier met klem om dit deze week in de discussie over de strategische agenda aan de orde te stellen met als doel dat de Raad uitspreekt dat dit nadrukkelijk uitgangspunt van beleid wordt in de hele Unie.”  

© 18 juni 2019