Steeds meer ouderen moeten sappelen om rond te komen. Mensen die moeten leven van alleen AOW of van AOW met een klein pensioentje knopen maandelijks met veel moeite de eindjes aan elkaar. “Zij dragen hun lot vaak in stilte”, was één van de constateringen tijdens een rondetafelbijeenkomst over armoede onder ouderen in de Tweede Kamer.

Rondetafelgesprek met deskundigen over armoede onder ouderen

Liefst een derde van alle gepensioneerden heeft moeite met rondkomen en 21 procent maakt zich zorgen over zijn financiële situatie. Dat blijkt uit cijfers van het Nibud. Armoede onder ouderen is een kwestie die niet veel aandacht krijgt, ondanks dat het een groeiend probleem is. Volgens het Nibud komen vooral gepensioneerden met lagere inkomens, huishoudens met uitsluitend een AOW-uitkering, huurders, voormalig zelfstandigen en gescheiden personen moeilijk rond. Over deze problematiek werd vandaag, op initiatief van 50PLUS, in de Tweede Kamer een rondetafelbijeenkomst gehouden (foto) om de problemen van armoede onder ouderen zichtbaar en bespreekbaar te maken. Daar kwamen diverse instanties die geconfronteerd worden met armoede onder ouderen en instanties die de problematiek kunnen duiden aan het woord. 

Leven op bijstandsniveau

Hans van Dijk is cliëntondersteuner in het Brabantse Gemert-Bakel. Hij doet dit vrijwilligerswerk namens de ouderenbonden KBO-Brabant en PVGE. Van Dijk formuleerde tijdens het rondetafelgesprek namens KBO-Brabant zeven aandachtspunten. Eén ervan is dat huishoudens met alleen AOW maar net boven bijstandsniveau leven, en dat ook nog eens langdurig. Een ander aandachtspunt is dat 46.500 oudere huishoudens aanvulling krijgen op hun (onvolledige) AOW-uitkering. “Deze groep leeft dus écht op bijstandsniveau”, aldus Hans van Dijk, die ook kwam met een voorzet voor een oplossing: “Voor ouderen zonder of met een heel klein aanvullend pensioen vragen wij een integraliteitstoets of ‘hardheidsclausule’, een toets waarbij op persoonlijk niveau het feitelijk huishoudboekje met inkomsten en uitgaven tegen het licht wordt gehouden.”

Lees ook: Kwetsbare oudere leeft hier in bittere armoede

Koopkracht daalt  

“Dat alleenstaanden en paren in de AOW-gerechtigde leeftijd het minste kans op armoede lopen is een groot goed”, zei Kitty Jong van vakbond FNV. “We moeten er zorg voor dragen dat dit in de toekomst ook zo blijft! Want er zijn ook ouderen waar het financieel minder goed mee gaat. Bijvoorbeeld mensen met een AOW-gat of mensen met enkel een AOW-uitkering. Maar ook de oudere ouderen – 90-plussers – leven relatief vaak in armoede omdat zij vaker geen pensioen hebben opgebouwd. Bovendien daalt de koopkracht van ouderen omdat AOW en de pensioenen al jaren niet worden geïndexeerd terwijl de vaste lasten wel stijgen.”

Groter risico op armoede

Ook ouderen tussen 50 en 65 jaar lopen een relatief groter risico op armoede. “In deze groep wordt een steeds groter deel wegens arbeidsongeschiktheid of werkloosheid afhankelijk van een uitkering”, constateert Kitty Jong. “De kans dat zij nog aan het werk komen is klein, onder andere door leeftijdsdiscriminatie. Bovendien werken zij dan relatief vaak in deeltijdbanen op of rond het minimumloon waardoor ze moeilijk rond kunnen komen.” De FNV vindt – net als 50PLUS – dat het wettelijk minimumloon en het daarvan afgeleide sociaal minimum te laag is om van te kunnen leven en verhoogd zou moeten worden. Dat zou meteen ook een verhoging van de AOW inhouden. In de Tegenbegroting van 50PLUS staat dat minimumloon en AOW verhoogd moeten worden met 3 procent extra.

Voldoende pensioen

Het Nibud kwam bij monde van Arjan Vliegenthart met een aantal aanbevelingen. Zo pleit het Nibud voor een waarborg dat alle werkenden voldoende pensioen opbouwen. “Omdat een inkomen dat alleen bestaat uit een AOW-uitkering niet als voldoende wordt gezien, moeten we ervoor zorgen dat werknemers in loondienst, maar ook zelfstandigen, automatisch extra geld opzij zetten en blijven zetten als aanvulling op de AOW”, zei Vliegenthart. Een ander advies van het Nibud is om de eigen betalingen aan zorg voor gepensioneerden met lagere inkomens te vergoeden. 

Niet rooskleurig

Marjolein Moorman, wethouder Sociale Zaken van de gemeente Amsterdam, ging vooral in op het  voorkómen van armoede onder ouderen. Zij pleit voor meer aandacht voor 50-plussers en ouderen met een AOW-gat, voor verruiming van de vermogensgrens bij kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en voor het beter faciliteren van gemeenten om armoede en schuldenproblematiek eerder te signaleren en samen te werken met andere instanties. Moorman vroeg net als Kitty Jong van de FNV aandacht voor de positie van 50-plussers op de arbeidsmarkt. “Die is niet rooskleurig: 50-plussers moeten vaak langdurig een beroep op bijstand doen. Als we willen voorkomen dat er opnieuw een groep ontstaat die ook na de pensioengerechtigde leeftijd langdurig in armoede leeft, moeten we investeren in deze mensen en ook in de groep werkende minima.” Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), bevestigt dat armoede hoog is bij de mensen van 55 tot 66 jaar die werkloos zijn geraakt. “Zij hebben slechte perspectieven en zijn vaak minder hoog opgeleid.”

Oudere migranten

Door een samenloop van omstandigheden vormen migranten 55-plussers één van de meest kwetsbare groepen in de Nederlandse samenleving, stelt Lucia Lameiro Garcia van het Netwerk van Organisaties van Oudere Migranten (NOOM). “Oudere migranten hebben relatief nog vaker te lijden onder armoede. Bovendien zijn veel oudere migranten slecht gehuisvest: zij wonen vaak in achterstandswijken, in een kleine woning of in een flat zonder lift met weinig mogelijkheden tot aanpassingen.” Het gebruik van formele zorgvoorzieningen wordt voor oudere migranten vaak gehinderd door onvoldoende toegankelijkheid, niet alleen veroorzaakt door gebrekkige informatie en taal- en communicatieproblemen, maar ook door het kostenaspect.

Niet op de barricade

Ouderenbond KBO-PCOB constateert dat niet alle ouderen op de barricade springen. “Ook niet als ze keer op keer merken dat ze nóg meer moeten inleveren”, weet beleidsadviseur Hagar Roijackers. “Integendeel: veel mensen dragen hun lot in stilte en proberen nog zuiniger aan te doen.” Uit eigen onderzoek van KBO-PCOB komt duidelijk naar voren wat de schrijnende gevolgen zijn van armoede. “Eenzaamheid is er daar één van”, zegt Roijackers. “Armoede zorgt er bovendien voor dat mensen medicijnen niet afhalen of een doorverwijzing naar een medisch specialist niet opvolgen omdat zij de eigen bijdrage niet kunnen betalen.” KBO-PCOB pleit ervoor alles op alles te zeten om oudere werklozen aan een baan te helpen. Andere aanbevelingen van de ouderenbond zijn onder meer om de leeftijdsgrens van 60 jaar voor de IOW te handhaven, extra middelen vrij te maken voor armoedebestrijding op lokaal niveau en te blijven werken aan het terugdringen van stapeling van zorgkosten. “Het is ook belangrijk ervoor te zorgen dat mensen gebruik maken van de toeslagen waar zij recht op hebben”, besloot Hagar Roijackers haar betoog.

Foto - Deskundigen over armoede onder ouderen, met van links naar rechts aan tafel: Hagar Roijackers van KBO-PCOB, Peter Hein van Mulligen van het CBS, Lucia Lameiro García van NOOM, Arjan Vliegenthart van Nibud, Kitty Jong van FNV, cliëntondersteuner Hans van Dijk van KBO-Brabant en Marjolein Moorman, wethouder armoedebeleid Amsterdam

© 3 juni 2019