50PLUS maakt zich grote zorgen over het aantal beschikbare verpleeghuisplaatsen, nu en in de toekomst. Over tien jaar zijn er namelijk zo’n 35.000 tot 40.000 (!) extra verpleeghuisplaatsen nodig.

Verpleeghuisbed - Foto: Sharon McCutcheon (Pixabay)

Komende jaren ontstaat er een tekort van tienduizenden verpleeghuisbedden. Over deze ‘tikkende tijdbom’ stelde 50PLUS-Kamerlid Simon Geleijnse onlangs liefst 22 vragen aan verantwoordelijk minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. Bij een debat over de problematiek in de verpleeghuiszorg vertelde Simon een zeer persoonlijk verhaal over zijn vader. “Hij stond lange tijd op een wachtlijst voor opname in een verpleeghuis”, begon Simon, en hij schetste de moeilijke keuzes die de familie Geleijnse moest maken. “Op heldere momenten liet mijn vader duidelijk merken dat hij niet naar een verpleeghuis wilde. Hij wilde thuis blijven, want dat was toch geen probleem, zo zei hij. Maar het was wel een probleem, en het werd steeds groter. Mijn moeder deed wat ze kon, de kinderen, de buren en de professionals speelden allemaal een rol. Maar het was niet langer houdbaar. Het ging gewoon niet meer.”

Naar het verpleeghuis

Toen kwam het moment dat het onvermijdelijke besluit viel: naar het verpleeghuis. “Op dat moment is het eigenlijk al een schrijnende situatie”, zei Simon. “Maar je stelt zo’n moeilijk besluit –in dit geval na ruim 50 jaar huwelijk – lang uit.  Dan duurt het nog zo lang voordat er een plek in een verpleeghuis is. Te lang, mijn vader is eind februari dit jaar overleden, nog vóórdat er een plek beschikbaar was.” Simon Geleijnse schetste de situatie van zijn vader als een voorbeeld voor de problematiek van de wachtlijsten in de verpleeghuiszorg. Die groeien al vijf jaar, maar de laatste tijd gaat het erg snel. Op dit moment wachten ongeveer 15.000 mensen. “15.000 mensen en hun partners, kinderen, kleinkinderen, vrienden en buren. Ze wachten op het moeilijke, maar noodzakelijke moment dat hun partner, vader of moeder verhuist naar het verpleeghuis. De wachttijd bedraagt nu 6 tot 12 maanden, soms al langer. Er is een fors tekort aan verpleeghuisplaatsen en dat tekort loopt de komende jaren op. Over tien jaar zijn er zo’n 35.000 tot 40.000 extra verpleeghuisplaatsen nodig”, aldus Simon Geleijnse.

Regie nemen

Collega-Kamerleden van Simon Geleijnse van GroenLinks en D66 opperden in het debat dat het goed is dat mensen zo lang mogelijk thuis – in hun eigen omgeving – verblijven en verzorgd worden. Geleijnse onderschreef dat uitgangspunt. “Maar, zo zei hij, “in zo’n situatie komt er toch áltijd een moment dat opname in het verpleeghuis onontkoombaar is.” Ook de D66- en GroenLinks-vertegenwoordigers gaven aan dat die verpleeghuisplaatsen inderdaad écht nodig zijn. Geleijnse vroeg aan minister De Jong of ook hij de urgentie voelt en ziet om deze ‘tijdbom’ onschadelijk te maken en of hij bereid is zelf daartoe de regie en verantwoordelijkheid te nemen. De minister erkende dat hij verantwoordelijk is voor toereikende verpleeghuiszorg, maar dat hij niet paraat heeft wat de exacte grootte van het probleem is. Hij zei toe dat hij de Tweede Kamer binnenkort uitgebreid zal inlichten over het capaciteitstekort.  

Grote zorgen

Minister De Jonge zei eerder dit jaar dat het zomaar zou kunnen dat het aantal van 35.000 een adequaat cijfer kan zijn, maar ‘dat het natuurlijk belangrijker is dat het zorgkantoor in de regio voldoende plekken inkoopt en op basis daarvan afspraken maakt met aanbieders, ook over het bijbouwen van capaciteit’. Simon Geleijnse vroeg aan De Jonge: “Met welke aantallen houden de zorgkantoren rekening? Zowel op korte als langere termijn. Welke afspraken zijn er dan met aanbieders? En welke afspraken zijn er specifiek over het bijbouwen? 50PLUS maakt zich echt grote zorgen over het aantal beschikbare verpleeghuisplaatsen, nu en in de toekomst!” Het blijkt niet bekend te zijn hoeveel mensen er op wachtlijsten staan, ook in de regio’s. Ook hoeveel er bijgebouwd zal moeten worden en wat er nodig is, is niet helder, ook niet bij de zorgkantoren. Minister De Jonge gaat – voor zover mogelijk – die informatie verstrekken.

Actief en niet-actief wachtend

In de verpleeghuiszorg zijn twee soorten wachtenden: actief wachtend en niet-actief wachtend. “Als een actief wachtende een aangeboden plek weigert, bijvoorbeeld omdat het echt te ver weg is, wijzigt de status direct in niet-actief wachtend. Is dat wel eerlijk?”, vroeg Simon Geleijnse. “En geeft dat een goed beeld van de problematiek? Is de minister bereid wachtlijsten specifieker te monitoren?” De minister zei toe te bekijken of er mogelijk iets moet gebeuren, en daar in september nader over te berichten.

Derde leerweg

Simon Geleijnse vroeg Hugo de Jonge hoe het staat met de uitvoering van de aangenomen 50PLUS-motie over het in gesprek gaan met de sector om te bezien hoe preventie beter in het dagelijkse leven van bewoners geïntegreerd kan worden. De minister zegde toe in de eerstvolgende rapportage daarover een antwoord te geven. De Jonge beloofde ook aan de slag te gaan met de gevolgen van het mogelijk uitvallen van telecomverbindingen. De bredere inzet van zorgtechnologie wordt gezien als dé uitdaging binnen de hele verpleeghuisorganisatie. Dan hoort een ‘Plan B’ voorhanden te zijn bij calamiteiten, zoals onlangs bleek bij het wegvallen van het 112-netwerk. Ten slotte vroeg Simon Geleijnse aan de minister of hij bereid is om bij de voorziene harmonisatie en vereenvoudiging van het Stagefonds Zorg en de Regeling Praktijkleren ook de ‘derde leerweg’ – opleidingen bedoeld voor werkenden die hun positie op de arbeidsmarkt willen verbeteren – te betrekken. Minister De Jonge beloofde hierover in overleg te gaan met zijn collega van Onderwijs.

Lees ook: Wachtlijsten verpleeghuizen is een tijdbom

© 25 juni 2019